HET IS HIER GEEN KOEKJESFABRIEK

Pijnacker Infra: dé partner van de petrochemische industrie

Raffinaderij Pernis in Rotterdam is de grootste raffinaderij van Europa en één van de grootste raffinaderijen ter wereld. Het is het werkgebied van Pijnacker Infra. Een infrabedrijf gespecialiseerd in de petrochemische industrie. Hier kom je niet zomaar binnen, maar eenmaal binnen kom je terecht in een bijzondere wereld met eigen spelregels.

Het van oorsprong Woerdense bedrijf is tegenwoordig volledig geconcentreerd op het werkterrein in Pernis. ‘In de Randstad doen we ook nog grondwerkzaamheden voor nutsbedrijven, maar het merendeel van onze opdrachtgevers bevindt zich op de raffinaderij. Sinds halverwege de jaren tachtig hebben we hier een vestiging en sindsdien zijn onze werkzaamheden hier verder uitgebreid. Dus het was logisch om onze locatie in Woerden te sluiten’, aldus directeur en eigenaar Henk Anker.

Het interview vindt plaats in het aannemersdorp op het terrein, met op de achtergrond de skyline van de raffinaderij. Via de poort kom je binnen, maar niet zonder vooraf te zijn aangemeld en niet zonder legitimatie. Zelf het terrein oplopen is uitgesloten; je moet worden opgehaald. ‘Werken in de petrochemische industrie is een hele andere tak van sport waar veel andere aannemers voor bedanken. Je krijgt te maken met een heleboel regels, voorschriften en vergunningen. Dat is nodig, want één kleine fout kan levensgevaarlijke gevolgen hebben. Wij willen dan ook niet zomaar een aannemer zijn, maar hebben ons als bedrijf gespecialiseerd in deze branche en kennen de wet- en regelgeving tot in detail.

 

‘Het is een wereldje waar je tussen moet passen’

 

Open en eerlijk
Pijnacker Infra heeft een overall contract. ‘Wij zijn huisaannemer voor alle onderhouds- en civiele werkzaamheden, straatwerk, grondwerk en tracés. Het gaat dan om meer dan honderd hectare terrein bestaande uit veertien districten met eigen civiele opdrachtgevers en managers. Bij elkaar zijn dat circa veertig opdrachtgevers waarmee je een relatie opbouwt en onderhoudt. Het gaat er hier ook om wie je kent en hoe dat contact is. Het is net een dorp; een wereldje waar je tussen moet passen. Je moet erop ingericht zijn en het DNA hebben om hier te kunnen werken. Dat bestaat uit open en eerlijke communicatie en een “niet lullen, maar poetsen”-mentaliteit. Communicatie is hier het toverwoord. Dat ligt ons wel goed. De afgelopen dertig jaar zijn we gegroeid naar 53 medewerkers. Je moet ook body hebben om hier te kunnen werken, want met tien man kun je niet het hele terrein onderhouden.’

Strak regime
‘Er heerst hier een strak regime. Als je op dit terrein met je auto een kilometer te hard rijdt, mag je een paar maanden fietsen. “Buiten de poort” – zo noemen wij het werken buiten de raffinaderij – wordt het verplichte gebruik van pbm’s niet altijd even netjes gehandhaafd, maar dat is hier ondenkbaar. Je draagt altijd een helm en ook met dertig graden draag je een overall. Daarom moeten ook onze medewerkers zich prettig voelen met zulke strakke regels, wat het lastiger maakt om geschikte mensen te vinden. Buiten dat, zoeken we ook wat hoger opgeleide mensen met voldoende inzicht, zodat ze bijvoorbeeld weten welke afwijking ze direct moeten melden. Wij straten hier namelijk niet zomaar een pleintje, maar onderhouden olieverwerkende fabrieken en werken met leidingen waar gevaarlijke stoffen doorheen stromen. Voor wie zich tot deze uitdaging aangetrokken voelt, is het een hele mooie baan, want wie hier eenmaal begint, gaat niet snel meer weg. Dat blijkt uit onze groep van vaste medewerkers, waarvan sommiggen al meer dan dertig jaar bij ons in dienst zijn. Het is namelijk een afwisselende baan, waarbij je een vaste standplaats met kantine hebt waar je warm en droog zit en je werkt op gezette tijden. Het is niet hard werken, maar precies werken.’

Veiligheidskundige
Het strakke regime heeft te maken met veiligheid. ‘Als je hier een verkeerde kabel raakt in de grond… Oei. Wij hebben daarom relatief veel overhead personeel in dienst, zoals Mark de Geus, onze fulltime veiligheidskundige. Nog een uitzondering op een regulier bedrijf, maar zo’n functie is echt nodig in ons werk’, aldus Henk. ‘Het is hier namelijk geen koekjesfabriek’, vult Mark aan. Daarmee geeft hij aan dat de risico’s in de petrochemische industrie veel hoger liggen dan in andere werkgebieden. ‘Ik zorg dat we aan de kwaliteitseisen en wetgeving voldoen. Het vraagt heel veel managementhandelingen om bepaalde certificaten te krijgen en te behouden. Mijn werk bestaat dagelijks uit veiligheidshandboeken schrijven, plannen uitwerken, rapportages maken en de veiligheid waarborgen’, legt hij uit. ‘Als wij bijvoorbeeld een productleiding van nieuwe stopaq (bekleding van leidingen, red.) gaan voorzien, hangt daar een uitgebreid stappenplan aan vast. Het begint met een veiligheidshandboek en het schrijven van een inspectietestplan. De raffinaderij beoordeelt dit plan en pas na goedkeuring gaan we over tot uitvoering. Eerst wordt de leiding uitgegraven en ontroest, wat volgens een bepaalde standaard moet. Dan pakken we de leiding middels een vastgelegde methode weer in met stopaq en testen we of alles goed eromheen zit. Ook die test gaat volgens het boekje. En uiteindelijk hangt er weer een rapportage aan vast. Het is veel papierwerk, maar we worden hier steeds efficiënter in.’

Pijnacker Infra heeft zich vastgebeten in deze industrie en is specialist geworden in de papieren jungle en strakke regels van de raffinaderij. ‘Wij kunnen ook niet eenvoudig meer een opdracht uitvoeren voor bijvoorbeeld een gemeente. Het is een hele andere manier van werken en die combinatie was ook niet meer te doen. Buiten de poort nemen ze het niet zo nauw met de regelgeving en vooral voor mijn medewerkers werkt dat niet prettig.’