Jan Henk van der Velden is sinds augustus 2017 directeur-bestuurder van stichting Utrecht Science Park. Het Utrecht Science Park is met meer dan 32.000 werknemers (en meer dan 55.000 studenten)het grootste sciencepark van Nederland.
“Miljardenovername helpt in de strijd tegen kanker” en “Succesvol Science Park kan alleen nog de hoogte in”, kopten respectievelijk het AD en FD naar aanleiding van de aangekondigde overname van Merus door Genmab. In de eerste versie van het FD-artikel was de kop zelfs “Buurman koopt buurman” want de Research & Development-centers van deze bedrijven zijn beide op het Utrecht Science Park, en zelfs deels in hetzelfde pand, de Accelerator, gevestigd. Acht miljard dollar maar liefst is de koopsom die Genmab bereid is voor Merus te betalen. Een mooie bundeling van krachten van de twee bedrijven die al succesvolle maar ook nog veelbelovende nieuwe medicijnen tegen kanker ontwikkelen.
Een “biotech-powerhouse” werd het Utrecht Science Park in de reacties door deskundigen genoemd. Door alle aandacht voor deze research & development-bedrijven werd nogmaals benadrukt dat op het Utrecht Science Park niet alleen een unieke kennisconcentratie van onderwijs-, onderzoeks- en kennisinstellingen, waaronder de ziekenhuizen, is, maar dat met de kennis ook nieuwe producten, medicijnen en diensten door bedrijven worden ontwikkeld.
Het is mooi dat het bredere publiek, zoals de zestig miljoen mensen die respectievelijk over de A27 en A28 het Utrecht Science Park passeren, zich daarvan door deze media-aandacht meer bewust is geworden. Met de rapporten van Draghi en Wennink moeten we ons ook realiseren dat het niet vanzelf gaat en dat moet worden geïnvesteerd in innovatie om tegenwicht te bieden aan de concurrentie uit de rest van de wereld (zoals de VS, India en China). Niet voor niets wordt daarvoor de noodklok geluid en tot actie opgeroepen.
Langzamerhand begint deze boodschap in Den Haag te landen. In het tussenrapport van informateur Buma staat een mooie paragraaf over kennis en talent en wordt aangekondigd dat zal worden geïnvesteerd in campussen/science parks “als belangrijke locaties in onderzoeks- en innovatie ecosystemen”. Heel belangrijk dat de meerwaarde van “het ecosysteem voor startups en scale-ups” wordt herkend.
Dat betekent wel dat er in de randvoorwaarden zal moeten worden geïnvesteerd, van regelgeving tot infrastructuur, om te kunnen inzetten op het inlopen van de achterstand die Europa nu al heeft opgelopen. Dat betekent dus ook investeren in betaalbare ruimte voor startups en scale-ups en ook het nu al ruimte creëren om groei van succesvolle bedrijven te kunnen faciliteren.
Zo kunnen we achteraf vaststellen dat als het niet was gelukt in 2023 het Accelerator-gebouw met labs op het Utrecht Science Park te realiseren, Merus en Genmab geen ruimte hadden gehad om te groeien en zij gedwongen zouden zijn geweest te verhuizen. Gelukkig is dat wel gelukt, want anders was deze mooie overname en bundeling van krachten aan het Utrecht Science Park of zelfs Nederland en Europa voorbijgegaan.